De opslag van lithiumhoudende energiedragers, zoals Li-ion batterijen, is een relatief nieuw vakgebied. Ook deze PGS-richtlijn is opgesteld volgens de risicobenadering. Om te bepalen op welke wijze Li-ion batterijen opgeslagen mogen worden, is meer nodig dan alleen het vaststellen van de specificaties van het opslagsysteem.
Er wordt onderscheid gemaakt tussen nieuwe, gebruikte, beschadigde, herstelde, vernieuwde, verpakte en niet-verpakte batterijen. Vastgesteld moet worden of, en in hoeverre, de opslag van al deze soorten batterijen gecombineerd mag worden in een opslag.
De PGS 37-2 omvat tevens richtlijnen die betrekking hebben op de locatie van de opslag en op aanvullende veiligheidsvoorzieningen. Het is daarom van belang om de methodiek van de PGS 37-2 te volgen en op de juiste wijze vast te stellen hoe, waar en met welke maatregelen de energiedragers mogen worden opgeslagen.
Prefab opslagsystemen kunnen worden toegepast in de typical 1 van de richtlijn. Typical 1 ziet toe op de opslag in brandcompartimenten van minder dan 300 m2. Uit de PGS 37-2 blijkt dat de opslagsystemen die binnen typical 1 vallen technisch gelijkend zijn op de opslagsystemen die voldoen aan de PGS 15. De aanvullende voorzieningen die in het opslagsysteem moeten worden opgenomen, zijn een blussysteem, brandmelder en een speciale gassensor. KOK Milieuopslagsystemen heeft deze aanvullende “PGS 37-2 package” beschikbaar.
U kunt de volledige tekst van de PGS 37-2 bekijken door hier te klikken.
U kunt ook contact met ons opnemen voor advies.
